
over het actieve dansleven in de provincie
‘…de nieuwste moves maken dansen cool, ook voor jongens…’
‘Zit toch eens stil!’ zei mijn moeder bijna elke dag als ik naast haar op de bank zat. ‘Altijd dat gewiebel...’. Dat klopte wel, de hele dag door fladderde ik door het huis, door school of over straat. Waar ik de ruimte had, oefende ik danspasjes en draaien en dus ook op de bank. Ik kon mijn energie ergens anders kwijt toen in het dorp jazzballet werd gegeven, in een kale gymzaal met uitvoeringen in tl-licht. Na een paar jaar mocht ik jazzdans op een échte balletschool leren. Er ging een wereld voor me open.
Voor het eerst danste ik in een zaal met een barre aan de muur en een lange wand van spiegels, ik kon eindelijk zien wat ik deed. Toen ik op mijn achttiende voor studie naar Vlissingen verhuisde was, na het vinden van een kamer, inschrijven bij een nieuwe balletschool mijn eerste prioriteit. Dat was makkelijker gezegd dan gedaan, in Zeeland was niks te beleven op dansgebied…